Quoi encore?!

Nanowrimo 2 mei 2008

Ingedeeld onder: Zonder categorie — flosj @ 11:44 am

Hoe krijg je iemand zo gek om in één (1, het getal, u leest het niet verkeerd) maand tijd vijftigduizend (50 000, ook dat leest u ongetwijfeld niet verkeerd) woorden op papier/pc te krijgen? Wel, http://www.nanowrimo.org/ krijgt het voor mekaar, elk jaar opnieuw. Het is wel een Amerikaans project, maar mensen over de hele wereld nemen er aan deel, en je mag schrijven in de taal van je voorkeur. Het doel is eenvoudig: schrijf op 1 maand tijd 50 000 woorden neer, over eender wat, als het maar binnen de maand af is. Mijn groot wiskundig inzicht heeft uitgerekend dat om op 1 maand 50 000 woorden te halen, een gemiddelde nodig is van 1666(,666 enz.) woorden per dag! Een blogstukje telt er bij mij nog geen 500, laat staan dat ik mijzelf er 1666(,666 enz.) per dag zou kunnen doen schrijven?
Jawel, ik heb een nieuwe uitdaging gevonden =). Los van de wedstrijd (je bent een winner van zodra je erin geslaagd bent de limiet te halen; naar de inhoud wordt -gelukkig- niet gekeken) ga ik dat ooit eens proberen waarmaken.

Dat de opdracht niet van de poes is, kan je merken op het forum, alwaar de topic Dirty Ways to Reach 50k zeer populair blijkt te zijn; de Dirty Ways zelf toverden ook een lach op mijn gezicht. Ik kan mij eigenlijk niet goed voorstellen dat het zó moeilijk is, maar aan de vele zuchten te merken, moet het een loodzware proef zijn (die vermoedelijk ook wel veel voldoening schenkt - behalve voor zij die stranden op 49 999, omdat de teller van de organisatie nét dat ietsje anders geteld heeft dan de teller van Word =D)! Met een treffelijke verhaallijn en een beetje doorzettingsvermogen komen de woorden toch vanzelf? NOT.

Writer’s block is een pijnlijke ervaring. Ik sukkel zelf van het ene exemplaar in het andere, en telkens het weer even beter gaat, blijf ik toch lichtjes ontmoedigd, omdat ik niet kan inschatten wanneer de volgende literaire ineenzakking zich zal aandienen. Wat ik wél zeker weet, is dat ze er komt.

Mijn beste vriend Wiki fluistert me in - met een stemgeluid vergelijkbaar met dat van de jury uit Blokken, oh help -:

“Writer’s block is een woord uit de Engelse taal en betekent het tijdelijke onvermogen van een schrijver of componist om tot schrijven of componeren te komen.”

Dankjewel voor dit educatief moment, Wiki. Maar Wiki is nog niet klaar:

“Wanneer het enkel gaat om een zeer korte tijd (’de angst voor de witte bladzijde’) gebruikt men de term niet, en evenmin wanneer het gaat om een crisis die terug te voeren is op problemen van ernstige psychiatrische aard.”

Meer info gewenst over die witte bladzijde. Wiki zwijgt aanvankelijk maar komt uiteindelijk op de proppen met:

“In je gedachten zijn woorden niet zoveel waard, in een gesprek meestal ook niet, je kunt ze makkelijk vervangen, een gebaar maken, een stilte laten vallen, je voorhoofd fronsen, achter je oren krabben, je woorden te hulp schieten kortom. Maar op papier hebben woorden alleen elkaar en samen blijken ze betekenissen te kunnen produceren die je helemaal niet had gewild.”

Daar kan ik eigenlijk wel inkomen. In het echt kan je woorden helpen en zijn gesprekken levendig en veelzeggend. Probeer je iets neer te schrijven, dan komt het al gauw stompzinnig, zwak en onorigineel over.

Maar zwak en onorigineel zullen waarschijnlijk ook de meeste van die ingezonden manuscripten (dat woord is ook niet meer mee met de tijd - typoscripten dan?) zijn. Alleen maar door de grootst mogelijke nonsens te verzamelen, raak je ooit aan dat astronomisch hoge getal. Uij!

594 woorden telt dit blogstukje. Nog 1072 of 49 406 te gaan, naargelang je het op dag- of maandbasis bekijkt. Gekkenwerk.

 

de Almachtige I 1 mei 2008

Ingedeeld onder: Soap — flosj @ 12:32 pm

Het beloofde een prachtige dag te worden. God stond op uit zijn hemelbed, grabbelde zijn contactlenzenpotje van de nachttafel en stuiterde naar de gordijnen, die hij met een vastberaden beweging opentrok. De zon stond laag aan de hemel te blinken (de zon stond atltijd laag aan de hemel in de hemel, omdat dat nu eenmaal zo hoog ligt), en buurvrouw Marie stond buiten de was op te hangen.

“Een waarlijk heerlijke ochtend, mijn beste Marie,” schalde God door het raam, gebruikmakend van de automatische luidsprekerfunctie in zijn stembanden. Marie liet terstond een blauwgestippelde onderbroek in het mulle zand vallen en keerde zich geïrriteerd om. Een hogere kracht dwong haar echter naar beneden te blijven kijken en te knielen, maar de ergernis in haar stem klonk goed door toen ze zei: “God, dat is nu elke morgen dat de zon iet of wat schijnt hetzelfde! Mij telkenmale zo aan het schrikken brengen. Ik hang momenteel was op; waar is uw didactisch nut voor de gemeenschap? Doe iets nuttig! En zet potverdorie die gezagsgenerator af!”, waarop uit het niets een boksbal Marie’s lip tot lipmoes sloeg.
God had meteen spijt van deze uitval (soms kon hij zijn krachten niet beheersen) en bedacht een manier om het goed te maken, maar Marie bleef roerloos liggen - dat deed ze ook elke keer, de schijnheilige trut. God snokte de gordijnen dan maar terug dicht en haastte zich naar de badkamer om zijn lenzen in te steken.

God had de bizarre gewoonte de dag zijn eigen verloop te laten bepalen. Hij geloofde nogal heilig in what is meant to be, will be (er waren wel meer dingen waar God heilig in geloofde) en was dan ook absoluut niet geneigd een richting en zin te geven aan zijn levensloop of persoonlijkheidsontwikkeling.
Elke dag slaagden een paar lucky bastards erin de poorten van de hemel te bereiken via de rechtstreekse snelweg uit het Vagevuur, die God dan met de smile van een verkoopster van overbodige elektrotoestellen diende te verwelkomen. Hun auto’s werden steeds maar groter en lawaaieriger, al kon hij de hybride modellen wel appreciëren. Meestal weinig interessante mensen. Voorts was hij een hevige muziekfan en spendeerde hij uren en uren aan het begluren van de omwonenden van zijn grote kasteel.

God woonde op de middenwolk. De middenwolk lag recht tegenover de poorten, al moet gezegd dat God over en royale driveway  en hoge buxushagen beschikte, waardoor hij ondanks de centrale ligging geen last had van voorbijgangers en potentiële pottekijkers vanop de rondomwolken.
Het zicht vanop de middenwolk was ronduit formidabel. Door een apparaat dat hij geheel per ongeluk had uitgevonden (God had oorspronkelijk met een doe-het-zelf-set een indoor barbecue willen knutselen), kon hij verhinderen dat nieuwsgierige ogen zich als magneten naar elk raam waarvoor hij zou kunnen verschijnen zogen. Nieuwsgierigheid beschouwde God als de achtste hoofdzonde. Desalniettemin besefte hij dat het de beste motor was tot kennis, en liet hij niet na zijn eigen curiositeit stante pede te bevredigen als hij ze voelde opkomen.
Maar goed, we wijken af: de gezagsgenerator dus. Wonderlijk machientje was dat. 1 druk op de rode knop volstond om alle mensen in een ruime straal te doen knielen en neerkijken. God was niet machtsgeil, maar kon moeilijk ontkennen dat het hem genoegen verschafte iedereen aan zijn voeten te zien kruipen en kronkelen. 1 druk op diezelfde rode knop zou ook volstaan om heel het systeem terug af te zetten, maar het was ondertussen een mode de vie geworden en uit vrees voor een autistische aanval, zou hij de afbouw geleidelijk moeten aanpakken.

Wie hij nog het liefste van al observeerde, was zijn buurvrouw Marie. Zij bezat een stulpje op een van de zuidelijke rondomwolken, en stemde helemaal overeen met het gevoel dat God kreeg bij deze windrichting. Warmbloedig en rondborstig was zij voor Hem het toonbeeld van de ideale vrouw. Of de genegenheid wederzijds was, was een andere vraag, waarover God zich ten gepaste tijde diepzinnig zou beraden.

Deze mijmeringen afgerond, realiseerde God zich dat hij al een tiental minuten over tijd was met het openen der hemelpoorten. Stiptheid was nochtans een eigenschap waar hij op stond. Als hij zelf niet het goede voorbeeld gaf, kon hij van de wolkbewoners immers niet verwachten dat zij ook een dergelijke levensstijl zouden belijden. Hij goot nog snel nieuwe contactlensvloeistof in het contactlenzenpotje en na een goedkeurende fonkelende smile in de spiegel begaf hij zich met wapperend haar de wolk af.

 

 

Krijg zelf je zeg in tot wie en wat jouw God verwordt! Laat een reactie achter over wat jij ervan denkt; je zou wel eens beslissende invloed kunnen hebben in de levensloop van de Almachtige…

 

Blinddoof 30 april 2008

Ingedeeld onder: Pseudo-literatuur — flosj @ 9:01 pm

Vanwaar ik het haal: ik heb waarlijk geen idee. Vast staat dat ik mezelf erop betrapte me een leven voor te stellen met zicht noch gehoor, en vroeg me af, als God het goed met me voorhad en ik toch een van beide mocht behouden, welk van beide dat dan zou zijn.

Een leven zonder gehoor kan ik me simpelweg niet voorstellen. Sterker zelfs, dat is geen optie. Laat ik gehoor even versmallen tot enkel muziek. Muziek is álles. Ik ken voor elke mogelijke stemming een liedje en elk liedje brengt een typische stemming op. Ik zing en dans en huppel hele dagen rond, begeleid door de beat die het beste past bij het moment. Eender wat, maar altijd iets. Moest ik ooit doof worden, dan zou ik de muziek gewoon onmenselijk hard opzetten om hem toch proberen te horen. Eerlijk? Ik zou doodgaan.

Blind dan maar? Als ik uitga van de stelling dat er niets is dat niet kan worden beschreven, ben ik beter blind af dan doof. Ik begin zo stilletjesaan toch een notie te hebben van wat er op deze aardkloot allemaal te zien en beleven valt, dus met een beetje geluk ben ik mee als ik het moet hebben van horen zeggen, letterlijk. En wat dan met de geneugten alles zelf te mogen en kunnen ontdekken, zonder van anderen afhankelijk te zijn? Afhankelijk ben je sowieso bij gebrek aan een zintuig. Wat ik nog het meest zou missen, is lezen. Voorgelezen worden is toch niet helemaal hetzelfde. Als klein kindje kon paps me niet echt boeien met zijn goedbedoelde verhaaltjes. (Mensen die zich geroepen voelen om in geval van nood toch te komen voorlezen, u weze welkom.) Typen zou waarschijnlijk wel nog gaan. Lang leve de technologie! Schrijven ook - tussen de lijntjes heen. Toch?

Slotsom denk ik dat ik nog steeds liever blind dan doof zou willen zijn, al gaat mijn absolute voorkeur zeer duidelijk uit naar het volle behoud van al mijn zintuigen. Over smaken, voelen en ruiken heb ik het dan nog niet eens gehad; ik vermoed dat ik mij evenzeer zwaar verloren zou voelen, in een universum dat zoveel te bieden heeft.

Welk zintuig zouden jullie het minste kunnen missen?

 

Belgian Chocolate 30 april 2008

Ingedeeld onder: Pseudo-literatuur — flosj @ 12:22 pm

Benoemd worden met de allersmakelijkste lekkernij op aarde, Belgische chocolade. How cool is that?  Het overkwam mij, net nog. Ok ja, misschien was het bij gebrek aan kennis over mijn echte naam, maar dan nog. De precieze achtergrond van de feiten blijft voor ieders welzijn misschien ook maar beter privé, maar ik kon een glimlach op mijn gezicht toch niet onderdrukken.

Er is toch zoveel verschil in benamingen. Van zwaar melig tot bijster origineel, en persoonlijk vind ik dat Belgische chocolade zich zeker een plekje mag toe-eigenen in de tweede helft. Zelf ben ik niet zo bijster origineel in het uitdelen van bijnamen. Mensen worden, soms tot mijn eigen spijt, al redelijk snel sjoe en schat genoemd. Doet dat af aan de waarde van deze woorden? Niet per se, want contextafhankelijk veronderstel ik dat de geadresseerden wel weten hoe ze moeten worden geïnterpreteerd. I’m working on it.

Nu is mijn vraag: wat is het leukste/liefste/schattigste/verbazendste of net het schokkendste/ergste dat iemand jullie ooit al heeft genoemd?

 

Klucht 28 april 2008

Ingedeeld onder: Pseudo-literatuur — flosj @ 9:14 pm

Zware zucht

Het was weer zover. Hij strompelde de weg tussen de deur en de dichtstbijzijnde stoel, als een clochard wiens laatste maaltijd al een tijdje achter zich lag, met als enige houvast nog letterlijk de leuning van het zitmeubel. Met de knal van een middelgrote atoombom kwakte hij neer, en hield zich vervolgens een minuut of tien bezig met het vlooien van zijn baard. Of we nog les gingen krijgen, was niet geheel duidelijk. Bij deze man wist men nooit. Hij kon evengoed, als de idee hem inviel en bevallig leek, zo terug opstaan, de weg tussen stoel en deur afleggen in de tegenovergestelde richting als voorheen en verdwijnen in de witte leegte die zich erachter bevond. Maar hij bleef zitten.

Zeer berucht

Het welkom dat hem te beurt viel hartelijk en warm noemen zou vast een overstatement zijn. De meerderheid van zijn intredes verliepen in stilte en onopgemerkt. Het was meestal pas toen hij een eerste stemverheffing lanceerde, dat het publiek zich bewust werd van het feit dat de werking van de micro uitgedokterd was door zijn op dat vlak niet al te vakkundige brein. Voor de rest van de avond zou zijn rayonnante persoonlijkheid ons verblijden met sarcastische verhaaltjes over hoe de wereld er zou moeten uitzien, doch daar stonden we nog mijlenver vanaf. En dat konden we maar niet genoeg slikken.

Opgelucht

Pauze is altijd het beste gedeelte. Terug ademhalen, de polsen ronddraaien en lawaai, heel veel lawaai maken. En zelf verdwijnen in het witte licht. Af en toe dreigde de ergernis zodanig hoog op te laaien, dat met man en macht gestreden diende te worden tegen het gevoel naar voor te rennen en uit te leggen dat de wereld niet zal veranderen, en dat hij het maar beter kon opgeven ons de les te spellen over dingen die we zelf veel beter wisten, als we maar de kans en vrijheid kregen om ze te ontdekken. We hadden geen nood aan een ouwe zak die zijn en onze tijd stond te verdoen terwijl buiten de zomerzon en het andere geslacht stonden te popelen van ongeduld op het einde van de kwelling. Maar de mannen en de macht haalden het eens temeer van de innerlijke ontploffing. Een nieuwe overwinnning op het establishment. We waren sterker en raakten daar elke keer meer van overtuigd. Ooit zouden we winnen. Er waren nog zekerheden in het leven.

 

Krezip 14 maart 2008

Ingedeeld onder: Muziek — flosj @ 7:03 pm

 

Milburn 12 maart 2008

Ingedeeld onder: Muziek — flosj @ 8:39 am

 

Fuckers 11 maart 2008

Ingedeeld onder: Frustraties — flosj @ 4:49 pm
Tags:

Beste Studentenmobiliteit (lees: fuckers),

de dame met de zoetgevoisde stem en de waarschijnlijk hemelsbrede breedsmoelkikkerglimlach in het bijzonder,

ik vind jullie dikke fuckers.

Situatieschets: half 4 word ondergetekende uit haar bed gebeld (was moe en dus aan het slapen - nooit tegen de natuur ingaan, is z. ongezond). Bovengenoemde dame weet te vertellen dat mijn fiets verdwenen is, of liever meegenomen door de bevoegde instantie, en wel omdat slechts 1 van de 2 sloten waren gebruikt.

Ok, mijn fiets was niet volledig gestald volgens de regeltjes. En ik zal u uitleggen waarom.

Ik woon in de meest afgelegen zijstraat van gans Gent, en zie niet in waarom ik me een onveiligheidsgevoel moet laten aansmeren door bureaucratische kommaneukers die me opdragen mijn fiets ten alle tijde dubbelbeslot te stallen. Mogen mijn fiets en ik ons alstublieft op ons gemak voelen in ons achterstratig nietsland?

Ik hoop dat jullie eerst de Overpoortstraat grondig hebben uitgekamd, anders is het maar een kleine moeite hoogstpersoonlijk jullie HQ te komen onderfietsen! Waren de interessante jobs bij Randstadt op, dat er zich mensen permanent bezig houden met het vakkundig ambeteren van medeburgers (ic. ik) die behalve aan hun eigen kot geen fiets onbewaakt laten en zelfs de lichten van medestudenten uitzetten opdat ook zij ’s avonds nog werkende achterlichtbatterijen zouden hebben? Is het zo ver gekomen? Of verdient het gewoon veel? Zou wel kunnen natuurlijk. De overheid is dol op jobjes met formuliertjes!

Wat is bovendien het nut van 2 sloten aan eenzelfde wiel? Als dieven mijn fiets per se willen hebben, nemen ze die met 2 sloten heus ook wel mee! En infrastructuur om de fiets aan vast te hangen (waarvoor dat 2de slot, zo vermoed ik, dient) is niet voorhanden. Waarom zou ik dan in godsnaam moeite doen? Begin bij jullie zelf, fuckers.

Trouwens, die fietsen worden niet gestolen. Niemand steelt gele fietsen. Dat is een oninteressant marktsegment, zo is dat nu eenmaal.

Ter verduidelijking: de glimlach die ik bovengenoemde zoetgevoisde dame gaf bij het afhalen van mijn vehikel, was fake. Ik hoop vurig dat het sarcasme in mijn stem goed is doorgedrongen en dat jullie stikken in een of andere ketting. Fuckers.

En vanaf volgend jaar is het gedaan met de gele fietsen, als jullie dat maar weten! Gedaan!

Volgend jaar koop ik een fiets zonder slot, laat hem slingeren en gooi hem overal in de weg (voor bussen enzo). Dat hij gestolen wordt, is niet bepaald een probleem. Ik zal een dievegge eersteklas worden. Dankzij de formuliertjesinvullende overheden. Goed gedaan van jullie! Weer een burger geresponsabiliseerd! Van mij hebben jullie dus geen last meer.

Ik leg me voortaan toe op niet-gele fietsen en raad iedereen aan hetzelfde te doen. Een interessant marktsegment, dat staat vast!

 Hoogachtend (toegegeven, dat is gelogen)